De bevrijding van West-Europa begon op 6 Juni 1944 met Operation Overlord, beter bekend als D-Day, de invasie in Normandië. De bevrijding van ons land was een gecompliceerde operatie die duurde van september 1944 tot mei 1945. Er werd door troepen van verschillende geallieerde landen aan deelgenomen.
Terwijl het zuiden al in het najaar van 1944 bevrijd werd, moest het oosten van ons land wachten tot april 1945 en het westen zelfs tot de Duitse capitulatie op 5 mei 1945.

Op 9 september 1944 overschreed een verkenningspatrouille van de Amerikaanse 113th Cavalry Group Red Horse als eerste geallieerde eenheid de Nederlandse grens in de buurt van Maastricht. De eerste bevrijders van ons land, soldaten van de Amerikaanse 30ste Infanterie Divisie “Old Hickory”, kwamen op 12 September 1944 Zuid-Limburg binnen. 
Vervolgens startte op 17 September 1944 Operatie Market Garden, een gecombineerde Amerikaanse, Engelse en Poolse actie. Na Operatie Market Garden begon op vrijdag 20 oktober 1944 Operatie Pheasant, de bevrijding van Midden- en West-Brabant. Het 1e Canadese leger viel vanuit België aan en het 2e Britse leger vanuit het Oosten. Op maandag 23 oktober rukte de 51e Highland Divisie op in richting Schijndel. Deze aanval, een onderdeel van Operatie Pheasant, kreeg de naam Operatie Colin.

Zeeuws-Vlaanderen, Walcheren en Noord– en Zuid-Beveland werden in de maanden september tot november door Canadezen, Engelsen en Polen bevrijd. In november en begin december werd NW Limburg door het 2e Engelse leger bevrijd. Het grootste deel van Zuid Nederland was nu vrij.

In Februari 1945 werden het Duitse Rijnland en N.O. Limburg bevrijd door de Canadezen in het noorden en de Amerikanen in het zuiden.

Op 28 maart 1945 trok het 1ste Canadese leger bij Dinxperlo vanuit Duitsland ons land binnen. Gelderland, Overijssel en de drie noordelijke provincies werden bevrijd. In Drente werden hierbij Belgische en Franse luchtlandingstroepen ingezet. Op 2 april was de laatste Duitse tegenstand gebroken.
Het westen bleef echter bezet, omdat de Duitsers zware tegenstand op de Grebbelinie boden. Om de burgerbevolking te sparen besloten de Canadezen niet verder te trekken. Met de Duitsers werd overeengekomen dat bommenwerpers vanuit Engeland voedsel mochten droppen voor de noodlijdende bevolking in het westen. Deze droppings begonnen op 29 april en zijn bekend geworden onder de naam Operatie Manna. Ze werden op 2 mei gevolgd door transporten over de weg, Canadese en Engelse trucs brachten voedsel door de Grebbelinie.

Op 4 mei 1945 aanvaardde Veldmaarschalk Montgomery in zijn hoofdkwartier op de Lüneburgerheide de overgave van de Duitse troepen in Noord-West Europa. De capitulatie ging op 5 mei 's morgens om 8 uur in.
In Nederland ontstond een vervelende situatie toen de Duitse bevelhebber generaal Blaskowitz vond dat de capitulatie niet van toepassing was op de Duitse troepen in het Westen van ons land. Hij werd door de Canadese luitenant-generaal Foulkes opgeroepen en op 5 mei werden in hotel "De Wereld" in Wageningen capitulatie-besprekingen gevoerd. Hierbij was ook Z.K.H. Prins Bernhard, als bevelhebber van de Nederlandse strijdkrachten, aanwezig. De volgende dag, zondag 6 mei 1945, tekende Blaskowitz alsnog de capitulatie van alle Duitse troepen in Nederland. Twee dagen later, op dinsdag 8 mei 1945, werd in Berlijn de onvoorwaardelijke overgave van Het Derde Rijk door het Duitse opperbevel en de geallieerden ondertekend.


Na 5 jaar van onderdrukking, jodenvervolging, gruweldaden, gebrek aan bijna alles, hongerwinter, luchtgevechten, bombardementen, V-1's, V-2's en verzet was Nederland eindelijk weer vrij. Dat hebben we te danken aan de enorme inzet van onze geallieerden, de Amerikanen, Canadezen, de Engelsen, de Polen, de Fransen, de Belgen en aan onze eigen
Prinses Irene Brigade en de Nederlandse ondergrondse, het verzet.